omlegging
Iedereen die weleens door belgie rijdt kent ze. De borden waar "omlegging" op staat. Ze zijn de schrik voor bestuurders van auto`s bussen en vrachtwagens. Deze borden staan juist daar waar je ze het minst verwacht, en daarom is de onaangename verassing compleet. Het probleem zijn niet de borden op zich, maar de richting waar ze je naar toe sturen. De boedoeling is dat je aan de hand van de omleggingsborden via een andere route naar de plaats van bestemming komt. Maar in Belgie werk dat anders. Het bord stuurt je meestal via smalle onbegaanbare straatjes rechtstreeks het niemandsland in. Dan kijk je uit naar het volgende bord, maar dat is nergens te vinden. Met het zweet op je voorhoofd probeer je de bijzonder nauwe bochten, met pal aan weerszijden een metersdiepe greppel, zonder brokken te nemen. Tegenliggers moeten bij aanwonenden de oprit oprijden omdat er geen plaats is voor verkeer uit twee richtingen. Of je komt na een paar kilometer een viaduct tegen met een doorrijhoogte van 3 meter. Ook de overige wegbewijzering is op z`n minst vaag te noemen. Zo staan plaatsnaamborden net voorbij een uitrit, of ze zijn onleesbaar omdat ze verroest zijn. Soms staan ze onzichtbaar verscholen achter struiken, bomen en bermbegroeiing. Soms sturen de borden je een verkeerde richting uit omdat ze vergeten zijn dat er een nieuwe weg is aangelegd. De hele bordenkwestie is typisch Belgisch, een en al chaos. Plaatsnamen kunnen,afhankelijk waar je je bevindt, maar liefst in drie talen aangegeven staan. Een voorbeeld is Luik, liege of luttich. Ditzelfde geld ook voor straatnamen.

Maar niet alleen de wegbewijzering is een chaos, maar ook de wegen zelf. Net na de oorlogsjaren werden veel betonplaten gebruikt en die liggen er vandaag de dag nog steeds. Als je een trekker/oplegger rijdt kun je het best een helm dragen want soms word je gewoon van je stoel gelanceerd. Zelf de autesnelwegen zijn bijzonder belabberd, er zitten soms rijsporen in die je kunt vergelijken met aspergebedden. Dit is ook de reden waarom de Belgische wegen, en met name de "pechstrook", vol liggen met auto-onderdelen die er gedurende de rit afvallen Als vrachtwagenchauffeur heb je dan de handen meer dan vol. Je moet niet alleen op de vage wegbewijzering letten, maar ook alle verloren obstakels veilig omzeilen. En dat is hard werken. Als je een dagje Belgie zonder brokken hebt afgerond is een burn-out nabij. Om ziekteverzuim en invaliditeit te voorkomen is mijn advies: NIET MEER DAN EEN RIT PER WEEK NAAR BELGIE...